Veel kilometers naar het werk: beter het kostenforfait of uw werkelijke kosten aftrekken als bedrijfsleider?
Werkt u als bedrijfsleider in België en ontvangt u een loon uit uw vennootschap, dan betaalt u personenbelasting op dat loon. U mag van dit loon uw beroepskosten aftrekken. U kunt daarbij kiezen tussen een automatisch kostenforfait of het bewijzen van uw werkelijke kosten, dit laaste wordt vooral interessant als u met uw eigen auto veel kilometers naar uw vaste werkplaats rijdt.
Doet u niets speciaals in uw aangifte, dan past de fiscus automatisch een kostenforfait toe: voor u als bedrijfsleider gaat het om een percentage van uw loon met een geplafonneerd maximumbedrag per jaar (3% met een maximum van € 3.200 (inkomsten 2026)), waardoor de aftrek in de praktijk vaak beperkt blijft. Dit forfait is een soort minimumaftrek: pas als u aantoont dat uw werkelijke kosten hoger liggen, kan het voor u de moeite lonen om daarvan af te wijken en expliciet voor werkelijke kosten te kiezen.
Werkt u via een vennootschap, dan laat u waarschijnlijk al heel wat uitgaven door die vennootschap betalen, zodat u privé minder beroepskosten overhoudt. Toch kan uw woon‑werkverkeer zwaar doorwegen: de wet laat u toe om € 0,15 per kilometer tussen uw woonplaats en uw vaste werkplaats met uw eigen privé wagen als werkelijke kost af te trekken.
Rijdt u als bedrijfsleider 25 km enkele rit naar uw kantoor, dan is dat 50 km per dag heen en terug; op 220 werkdagen per jaar zijn dat 11.000 km, goed voor 11.000 × € 0,15 = € 1.650 aan aftrekbare woon‑werkkosten.